Oosterend Present 1959

op1959.jpgHet begon in 1959. Enkele actieve middenstanders uit het dorp organiseerden het dorpsfeest “Oosterend Present”. Een kleine feesttent was voor de helft ingedeeld als tentoonstellingstent, de andere helft als feesttent. Het feest viel zo in de smaak dat het in 1963 weer gevierd werd. Vanaf die tijd steeds met tussenpozen van vijf jaar.

 

 

 
Herinneringen van een ‘Strender’

Iet Eelman-Timmer
Oosterend Present 1959

“O Heer, laat het alstublieft niet regenen”

Vierenveertig jaar geleden, in 1959, was Oosterend voor het eerst Present. Een naam die bedacht is door Cor Bremer sr, de schilder. Iet Eelman-Timmer, toen zeven tien jaar oud, kan zich dat eerste feest nog best herinneren. ” Het was voor het eerst dat er eens wat gebeurde! De tent met de ondernemersstands stond op het land van Sijp van Lee, wat nu het tweede stuk van de Oranjestraat is. Geen overkanters, alleen Oosterender ondernemers, die alles zelf deden: de bakker had van die verrúkkelijke slagroomwafels en de slager stond worstjes te maken. We waren niks gewend en alles was fantastisch.

APC (Koopman, de vracht- rijder) reed met groen en iedereen begon te versieren. Straatcommissarissen hadden we toen nog niet en we deden maar wat. Gaas rondom de ramen, dennen- groen en duuzend‚ papieren roosjes. Ik weet nog dat het zoontje van dominee Plaatsman, Paulus Lucas, geen kiend‚ kon die naam uitspreken, dus we noem- den hem altijd Pluuk, ook meehielp. Toen alles klaar was, ging-ie bidden: ‘O Heer, laat het alstublieft niet regenen, anders moet ik wéér roosjes maken.’

Vader (Arie Timmer, de kruidenier) verkocht wijn, advocaat en JP-limonade, je weet wel, ránja, in de tent. Dat was toen nieuw. Je maakte die limonade aan met water. Ik heb nog een fotootje waarop ik met ome Gerrit een volle melkbus naar de tent sjouw. Alle kinderen kregen gratis limonade; om de kat wat op het spek te binden. Ik heb die drie dagen in JP-sinaasappelpak rondgelopen: een groot ijzeren raam met een sinaasappelkop. Ik moest door de mond naar buiten kijken. Niks aan, maar je deed het. Het mooiste van het hele feest was de zweefmolen. Gewéldig. Het was nog wel even een bittere pil voor sommige mensen, want een zweefmolen kwam wél van de kermis! En meedansen met de West-Friese dansers werd ook alleen gedaan door mensen die niet àl te christelijk waren. Meestal katholieken en doopsgezinden. Die konden dat tenminste. De ondernemers hebben met hun initiatief het dorp op de kaart gezet en alles een nieuw elan gegeven.”

Laat een reactie achter

Je moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.